Een nieuw jaar, een nieuw land.
Peru, here we come! Helemaal nieuw is het niet, want 25 jaar geleden zijn we hier samen een maand met backpack van hostel naar hostel getrokken met bus en trein, en hebben we al veel highlights gezien, o.a. de koloniale hoofdstad Lima, bootexcursie naar Islas Ballestas, sandboarden bij oase Huacachina, de mysterieuze Nazca lijnen, Colca canyon met zân condors, mooie steden als Arequipa en Cusco, de drijvende rieteilanden op het Titicaca meer en natuurlijk ĂŒberhighlight Inca ruĂŻne Machu Pichu. Dat kunnen we nu dus overslaan en hebben we meer tijd om nieuwe dingen te ontdekken.
Er was nog even een plan om via het Titicaca meer terug naar Bolivia te gaan om daar nog de noordkant en La Paz te bezoeken, maar vanwege het regenseizoen, de brandstof problemen van het land en omdat Michiel er al geweest is ooit, doen we het lekker rustig aan en hangen we nog een weekje rond bij Arica in noord Chili. We hebben daar een reserve onderdeel voor de truck besteld en vanwege de feestdagen duurt het wat langer voor het binnen is. Geen straf, want het is leuk wonen aan de boulevard. Dus voor we de grens over gaan naar Peru bezoeken we nog wat musea over de Chinchorroâs die al aan mummies deden 2000 jaar voor de Egyptenaren er mee begonnen. Roberto en zân vrouw komen nog een avondje langs en we eten gezellig zelfgemaakte Sopaipillas (Chileense hartige oliebollen) met Pebre (salade van tomaat, ui, knoflook, koriander, en veel groene pepers, mjammmmm) aan het strand. Ze blijken fervent hardrockers, hun grootste droom is ooit naar een rockfestival in Duitsland te kunnen, Roberto leert er zelfs Duits voor! Leuk die passies van mensen. Rammstein schalt uit hun box over de boulevard, niemand kijkt er vreemd van op, veel Chilenen houden er van en Roberto vraagt ons de oren van het hoofd over wat de woorden in de tekst allemaal betekenen, zo grappig. Ook fietsen we regelmatig even naar het centrum voor boodschappen en om even te internetten en ontmoeten we nog een paar andere overlanders, o.a. Lothar en Sylvia die al 18 jaar met een oude Mercedestruck door Zuid Amerika rijden en dus een schat aan verhalen weten te vertellen. Ondertussen overlijdt mân telefoon nadat ie al een maand terminaal was na een val uit bed, dat klinkt dramatisch, maar is ook dramatisch. Geen fotoâs kunnen maken, niet navigeren, bankzaken buiten bereik, geen dom spelletje ter ontspanning, en de contacten thuis missen, dat kan natuurlijk niet. Gelukkig bleek het scherm vervangen de oplossing en viel de schade dus mee.
De grensovergang is weer spannend. Ik bespaar je de details, maar na een hoop kastje van de muur gedoe, bureaucratisch geneuzel en drie uur verder, hebben we de juiste stempels en papieren en komen we ineens Isabella en Fabian van het youtube kanaal live&give4x4 tegen. Zij reizen ook met een truck en maken hier filmpjes over (https://www.youtube.com/@LiveandGive4x4). Ik ben één van hun 166 duizend volgers. Ze waren 7 jaar geleden mede inspiratie om hetzelfde te willen en nu staan ze ineens in levende lijve voor mân neus. Ik word daar dan een beetje zenuwachtig van, alsof je je idool uit een film ontmoet, Michiel niet en maakt zoals altijd een praatje, althans doet een poging. Blijkbaar zijn zij ook wat gespannen door alle gedoe aan de grens, tijd voor een praatje is er in ieder geval niet en het enige dat Fabian in het Duits tegen mij snauwt is dass es doch Wahnsinn ist dat juist hij zo lang moet wachten op zân papieren. Prompt valt hij van zân troon en ben ik blij dat ze net iets langzamer dan ons blijken te reizen en we ze dus niet meer gaan tegenkomen verder. Natuurlijk blijven hun filmpjes wel leuk om te zien, zeker nu ze dezelfde route doen als ons.
Het eerste stuk rijden we nog langs de kust. Wat direct opvalt is dat het druk is op de weg en het rijgedrag van de Peruanen in tegenstelling tot alle andere landen die we tot nu toe gedaan hebben. Er wordt veel getoeterd en met lichten geseind en de inhaalmanoeuvres zijn die van Ăłf superongeduldige Ăłf superlevensmoede mensen. Toch gaat het, gek genoeg en gelukkig maar, altijd goed (althans wat wij zien).
Langs hoge woestijnduinen rijden we over de Panamericana naar het noorden. We overnachten op een geweldig jutstrand, één grote schatkamer, heel veel grote schelpen, botten van walvissen en dolfijnen, skeletten van zeeleeuwen, nestelende vogels, jonge meeuwtjes, mooie veren, prachtige stukken drijfhout, zeeglas, pelikanenschedels, echt van alles is er te zien en te vinden, helemaal mijn ding.
In het vissersstadje Ilo pinnen we onze eerste Peruaanse soles, halen we (met veel moeite, we moeten zelfs onze vingerafdrukken geven) 2 simkaarten en gaan we lekker lunchen met uitzicht op de levendige vishaven, heerlijk Ceviche (rauwe vis gegaard in citroensap) en een soort kibbeling, smullen. Het prijsniveau is beduidend lager dan Chili, maar best wel hoger dan Bolivia, de kwaliteit en hoeveelheid van eten is het echter zeker waard. Ook in dit land zal ik weinig achter het eigen fornuis staan, denk ik, wat een genot! We rijden verder, onderweg zien we mooie cactussen, af en toe olijfboomgaarden en bij een riviermonding zelfs knalgroene rijstvelden. Boven de kust zwermende strandplevieren, die in een grote groep linksom vliegend een zwarte wolk lijken en rechtsom een witte. Rennend op het strand, bewegen ze mee met de waterlijn alsof ze zelf een golf zijn, er naar kijken verveelt nooit, wow.
We gaan terug de bergen in, langs een grote zilvermijn, megagat in de grond, naar de stad Arequipa. In een voorstadje zijn ze gespecialiseerd in het uitbakken van varkensvel dat ze in grote stukken langs de kant van de weg verkopen, lekker zout en heerlijk knapperig samen met een soort gefrituurde en gezouten ongepopte maiskorrels, wat een goede snack! De stad in rijden valt gelukkig mee en is goed te doen. We parkeren in de ommuurde tuin van een hostel, waar ook Lothar en Sylvia staan, gezellig!
Bij onze eerste wandeling door de stad herkennen we deze niet meer terug, veel autoâs, reclameborden, geen indianen in traditionele kleding meer (ja twee felgekleurde dames in het centrum met jonge lamaâs voor de toeristen), overal supermarkten en moderne winkels. Gelukkig nog wel veel koloniale gebouwen van wit vulkanisch gesteente en het mooie rood en blauw gekleurde Santa Catalina klooster dat we âs avonds bezoeken omdat het dan sfeervol verlicht wordt met kaarsen en olielampen.
We blijven vier dagen. Op de camping maken we kennis met Jan en Jannie uit Nederland die ons al een tijdje volgen via dit blog, maar die we nog niet ontmoet hadden, leuk! Fijn ook om weer even in het Nederlands te kunnen kletsen. Ook staat er een jong Frans stel, Thimotée en Matilda op weg naar Alaska, en een Zwitsers stel met een mooie Iveco die ook richting noorden gaan. Gezellige gesprekken en natuurlijk uitwisselen van Polarstep/blog gegevens, zo leuk om te zien hoe anderen invulling geven aan hun droomreis en vaak doen we zo ook weer leuke ideeën op. Michiel doet nog een paar fietstochtjes op zoek naar altijd nodige onderdelen voor truck en motor, terwijl ik mezelf verwen op een terrasje in de zon met pie de limon en een lekkere Peruaanse koffie, mensen kijken en langs de vele winkeltjes waar ik, heel blij, een paar alpaca wollen vingerloze handschoenen scoor. Verder maken we wandelingen door de stad, proberen her en der restaurantjes uit en vieren we het heugelijke feit dat we elkaar 29 jaar geleden in de kroeg ontmoetten en dat dat tot zoveel leuke dingen heeft geleid.
Dan zijn we de drukte van de stad zat, stouwen de koelkast vol en rijden, ondertussen weer gewend aan de hoogte, verder de bergen in omhoog richting het Titicacameer. Dit stuk hebben we ooit met de trein gereden, ik herken het landschap, de besneeuwde vulkanen, en we zien ook nu gelukkig nog veel vicunas. De trein nemen kan niet meer, die rijdt alleen nog voor de mijnen. De bus nemen als backpacker is veel sneller en goedkoper nu de wegen geasfalteerd zijn en een binnenlandse vlucht wordt tegenwoordig ook veel gedaan. Wij doen het super op ons gemak met een gemiddelde van zoân 20 tot 40 km per uur berg op (inclusief lunchpauze en stops bij o.a. waterval en vreemd gevormde stenen) en na drie dagen bereiken we het hoogst gelegen meer dat nog bevaarbaar is. Dat gaan we natuurlijk uitproberen met ons bootje! We zien op het hele meer, zover we kunnen kijken, geen zeilboten, gek eigenlijk, het is er prima voor geschikt. Wel zien we aan de waterkant van het strand waar we staan zeker 20 megagrote felgekleurde ronde opblaasmatrassen drijven die achter voormalige vissersbootjes gehaakt worden tot groot vermaak van gillende Peruaanse dagjesmensen die er zo op rond racen.
Het is heerlijk weer, zonnetje, 18 graden en âs middags een aantrekkende aanlandige wind, perfecte omstandigheden en we hebben een leuke middag terwijl we ieder een stuk zeilen (op 3812 meter hoogte!), met de drone spelen, nieuwsgierige locals uitleg geven en tot slot een warme douche en lekker opdrogen in de zon met een hapje en een drankje. Sommige dagen krijgen een 10 en dit was er zo één!
Door naar Cusco, de stad die we graag nog een keer bezoeken omdat er zoveel te zien is. Ook nu zijn we drie dagen onderweg met verschillende stops. Zo zien we in het dorpje Lampa een bijzondere kerk met mega grote schilderijen en lugubere catacomben vol skeletten en losse schedels. Pucara, het volgende dorp, staat bekend om het maken van stieren van keramiek die in Peru veel op het dak van huizen gezet worden, altijd als stelletje (geen idee waarom), voor geluk. We zien sneeuw op de bergen in de verte, we rijden verder over de altiplano, vrouwen in klederdracht, lamaâs. Mensen zijn erg op zichzelf, verlegen, moeilijker om contact mee te krijgen.
Ieder dorp waar we door komen lijkt zo zân specialiteit te hebben, die dan langs de weg verkocht wordt, m.n. bij de drempels want daar moet iedereen haast tot stilstand afremmen en is er dus even tijd om handel te drijven via het autoraam. Op die manier kopen we een groot stuk kaas en kaasbroodjes, in het volgende dorp staan ze weer met uitgebakken spek, dan grote ronde zoete broden, dorp verder 6 cakes voor een euro, dorp waar cuy (gebakken cavia) de hit is rijden we snel door maar het dorp met overal mangoâs is dan weer favoriet bij Michiel. We laten het aanbod bepalen wat we eten en zo wordt de voorraad lekker aangevuld.
Halverwege is er een afslag naar ârainbowmountainâ, een berg met vele kleuren, afgelegen en hoog, die tegenwoordig door bijna alle toeristen wel bezocht wordt vanuit Cusco met een toertje. Onze 1e keer in Peru bestond deze berg natuurlijk ook al, maar stond niet in de lonely planet (de reisbijbel onder de backpackers), dus bestond hij eigenlijk niet. Pas sinds een aantal jaar heeft Peru door dat reizigers dit leuk vinden en worden er dus toertjes georganiseerd. De zeer smalle, zeer steile, bochtige modderweg geeft ons herbelevingen aan de glijbaan in Bolivia verleden jaar, dus na een poging van zoân 20 km erkennen we dat het te link is, zijn we wijs en keren (met veel moeite) om. Gelukkig vinden we een hele aardige taxichauffeur die het wel aandurft met zijn kleine autootje en gaan we op zijn advies naar andere, net zo mooi gekleurde bergen waar niet die tientallen toerbussen heen gaan en we maken zodoende een prachtige (zorgeloze) rit omhoog langs eeuwenoude Inca terrassen waar nog steeds mais en aardappelen op geteeld worden, hoewel in veel kleinere hoeveelheden dan 600 jaar geleden gedaan werd, veel terrassen liggen er geĂ«rodeerd, maar nog steeds herkenbaar bij. Eenmaal op de top (5000 meter!) kunnen we een mooie wandeling maken tussen al die gekleurde bergen, het begint al snel te hagelen en regenen (lang leve de alpaca handschoenen), maar gelukkig hebben we nog even van het uitzicht kunnen genieten.
Hoe dichter we bij Cusco komen hoe nadrukkelijker de Incaâs hun voormalige aanwezigheid laten gelden. Niet alleen zien we heel veel terrassen op de berghellingen, maar ook ruĂŻnes, oude muren, een aquaduct en her en der muurschilderingen die verhalen over het rijk der Incaâs met hun zonnegod en symbolen als de slang, de condor en de puma. Maar wat vooral opvalt is hun ingenieuze bouwtechniek van grote bijna naadloos aansluitende stenen die bijzonder aardbeving bestendig waren in tegenstelling tot alles wat na circa 1500 is gebouwd door andere volken. Hoe ze die zware stenen zo glad en passend maakten weet niemand. Ik denk dat ze hulp hebben gehad van tijdreizigers met megagrote slijpmachines of zo, ik zie niet hoe ze dit anders voor elkaar hebben gekregen, hahaha. Nog vreemder is eigenlijk waarom de Spanjaarden, die de Incaâs met oorlogen en virussen uit Europa onderdrukten en uitroeiden, deze wijze van bouwen niet overgenomen hebben. Waarschijnlijk was het gewoon vooral heel arbeidsintensief.
In Cusco staan we 4 dagen op een prima camping op loopafstand van de stad. Ook hier dwalen we heerlijk rond door de steile oude straatjes, hebben lekkere lunches, bezoeken musea en de kleurrijke markt en kletsen met andere reizigers. Op de camping is een lieve kroelkat, kunnen we lekker lang douchen en de was laten doen. Michiel gaat naar de kapper terwijl ik langs nog wat galerieën loop en uiteindelijk een mooie potloodtekening koop van een perfecte Inca muur. We gaan hier ook overstag voor de uitvinding van Elon Musk zoals meerdere overlanders en kopen een Starlink, overal internet (ook als je in nood bent in the middle of nowhere) en geen gezeik met simkaarten meer.
Dan is het alweer zondag en pakken we de boel in om verder te rijden naar Chinchero, waar een leuke zondagsmarkt zou zijn. Chinchero is een klein authentiek dorpje, zoân 40 km ten noorden van Cusco. Op marktdagen komen veel traditioneel geklede mensen uit de omgeving hun waren verkopen of ruilen, wat hier ook nog veel gedaan wordt. Het marktterrein blijkt echter verbouwd te worden en de marktlui zitten her en der verspreid door het dorp. We wandelen omhoog en komen bij een verrassend grote Inca ruĂŻne met daarop dan weer een mooie kerk waarvoor een grote groep locals aan het zingen en musiceren is, absoluut sfeerverhogend en zo passend in deze omgeving met op de achtergrond de hoge bergen van de Andes. Beneden ons zien we allerlei vrachtwagens met stieren aan komen rijden. Vanmiddag is het stierenvechten, aldus twee jonge verkoopsters van gekookte maiskolven, en we zien dat de dorpelingen richting het grote veld lopen en plaats nemen op de tegenoverliggende helling in het gras. We laten de ruĂŻne voor wat-ie is, en lopen naar het veld wat ondertussen op een soort festivalterrein lijkt met allerlei eettentjes met rokende BBQâs, live muziek, mooi geklede vrouwen en mannen met cowboyhoeden en overal suffende stieren die geduldig staan te wachten op wat komen gaat. Er wordt veel Quechua gesproken, de 2e taal in Peru, die nog door zoân 4 miljoen mensen wordt gebruikt, m.n. in de Andes. Gelukkig kunnen we met Spaans ook terecht en we vragen her en der naar wat er te lunchen valt. Het is moeilijk kiezen tussen de trucha (forel), chicharron (stukken karbonade van de grill), gevulde pepers en aardappellasagna. De cuy laten we ook hier aan ons voorbij gaan, nadat we er natuurlijk nog wel even geĂŻntrigeerd naar hebben staan kijken, hoe kom je er bij om cavia te eten? Het ziet er uit als gegrilde ratten, bleeeehhh. Als toetje een met dulce de leche gevulde churro en een bekertje met opgeklopt eiwit met natuurlijk heel veel suiker, slecht maar heul lekkerrrrrr. We klimmen de heuvel op en ploffen neer tussen de anderen, geen toerist te zien, dit is echt volksvermaak. We zijn nieuwsgierig hoe het stierenvechten er hier aan toe gaat. In Bolivia was het nog enigszins diervriendelijk waar jonge knullen een vastgebonden sjaal van de horens van de stier moesten zien te bemachtigen zonder prikstokken of andere enge dingen.
Hier blijkt het geen strijd tussen mens en dier, maar is het stier tegen stier! Er worden twee stieren de ring in gebracht en losgelaten, meestal gebeurt er eigenlijk helemaal niets en staan de stieren net als buiten de ring suf voor zich uit te staren, best lachwekkend eigenlijk. Ze krijgen twee minuten en de stier die het eerst weg loopt door toedoen van de andere stier heeft verloren. Als er een tochtige koe de ring in wordt gebracht, verhoogd dit duidelijk het testosteronniveau bij de stieren en lijken ze te ontwaken. De machoâs krabben met hun voorpoot over de grond, loeien hard en gaan elkaar met de horens te lijf, de strijd is kort en snel beslist want binnen no time loopt één van de twee snel weg, zijn meerdere erkennend en verlangend weer suf naast de vrachtwagen te staan, dan maar geen sex (de winnaar trouwens ook niet, gemeen!). De setting van het geheel is prachtig zo tussen de bergen met aan de overkant de perfect rechte Inca muren, overal kleurige kleding, heerlijk zonnig weer en verkoopsters die steeds met allerlei plaatselijke snacks langs komen. Deze ook weer zoân fijne dag, eindigt bij een geweldig uitzichtpunt met een regenboog boven de heilige vallei die we de komende dagen gaan bezoeken.
Het verhaal wordt weer veel te lang, maar ik ga toch nog even verder, zo verwerk ik ook alles wat we meemaken en is er weer ruimte in mân hoofd voor nieuwe input.
Sacred Valley dus, een diepe vallei en tegenwoordig vooral toegangspoort voor Machu Pichu omdat de trein daar naar toe vanuit Ollantaytambo vertrekt dat aan het eind van de vallei ligt. Wij wandelen er drie dagen rond (berg op met taxi/bus, berg af wandelen, heerlijk!) en zien de zoutpannen bij Maras, een experimenteer landbouw bouwwerk van de Incaâs met grote cirkels bij Moray en we verkennen Ollantaytambo met ook weer mooie oude steile straatjes en daarlangs door de Incaâs aangelegde waterkanaaltjes, nog steeds functioneel en gezellig met al dat kabbelende water langs en zelfs onder huizen door. Ook hier weer een Inca ruĂŻne (ik ben er bijna klaar mee) met bizar grote, gladde en perfect in elkaar passende stenen. Hoe deden ze dat toch? Het blijft toch wel heel indrukwekkend en intrigerend. Er valt hier nog een hoop te zien en te ontdekken ondanks dat het voor ons de tweede keer is dat we hier zijn. Het is heerlijk wandelen met indrukwekkende vergezichten, lapjesdeken van schuine en golvende akkertjes met koolzaad, mais en aardappels, overal bloeiende bloemen, alles lekker groen en pas geboren dieren omdat het regentijd is. Hierdoor ook mysterieuze wolkflarden die om de bergtoppen cirkelen, regenbogen die altijd weer verrassen, en plaatselijke regensluiers in de verte. Prachtig! Misschien moeten we hier gewoon nog een derde keer heen, wie weet!
Reacties
Reacties
Vind het niet erg hoor dat je verhaal ,weer veel te lang wordtâ, ik heb er weer van genoten!!
War een mooie herinneringen komen weer boven borrelen.
Hilarisch die stieren!
Door jullie verhalen gaan we steeds meer uitkijken naar Peru!
Gevallen helden, ovengebakken cavia's, zeilen op droomhoogte, onmogelijke bouwwerken, kleurrijke dagen... Weer een heerlijk lang reisverhaal. Ga vooral zo door!
Heerlijk weer , je verhaal, genoten ervan!
De verhalen zijn altijd heerlijk om te lezen, geniet ervan zolang jullie het kunnen.
Jullie passen prima in deze kleurrijke omgeving en zien er happy uit. Genieten maar.
Weer een mooi en kleurrijk vehaal zeker niet te lang.
Jouw verhaal kan niet lang genoeg zijn!!Ik snul ervan! Groetjes xx
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}